Advocaten luisteren - Louis Tobback
Wat mag een burgemeester van een advocaat verwachten?
Wat mag een vertegenwoordiger van de overheid – weze het een burgemeester – in de 21ste eeuw van een advocaat ( of van de advocatuur) verwachten?
In de eerste plaats: meer en meer gedegen juridisch advies.
Het antwoord klinkt banaal,maar het is
het niet. Hoe gebrekkiger de wet–en decreetgeving,
hoe groter de nood voor het
bestuur aan begeleiding bij de toepassing
ervan. Een slechte geest zou dus kunnen
vermoeden,op grond van de laatste decretale
pareltjes, dat een Vlaams Parlement
vol met eminente juristen de toekomst
van de advocatuur aan het veilig
stellen is.
De overheid gaat ook meer en meer beroep
moeten doen op bijstand bij het
voeren van procedures. De krakkemikkige
kwaliteit van de regelgeving (cfr. de
recente zondvloed in uitvoering van de
Vlaamse Codex Ruimtelijke ordening) is
immers een ware goudmijn voor ’proceduriers.
Bovendien leidt onzorgvuldige
wetgeving onvermijdelijk tot het zo verafschuwde
’gouvernement des juges’.
Jurisprudentie, en dus wat handige advocaten aan vonnissen en arresten weten te bekomen, wordt dus van steeds groter belang.
Strompelende besluitvorming op basis van manke teksten biedt tenslotte schitterende kansen aan procederende actiegroepen en wakkere burgers. Het wordt hun en hun advocaten van harte gegund.
Maar iemand (een advocaat?) zal toch nog moeten opkomen voor het algemeen belang. Men neme slechts als voorbeeld de jarenlange martelgang voor de bouw van het zuiveringsstation op de Voer in Vossem.
Sinds de voortdurende soap over de verdieping van de Westerschelde weet men nu wellicht ook in de Vlaamse regering wat de Nederlanders bedoelen met ’hindermachten’. Al bewijst minister–president Balkenende dat het handig kan zijn zich daarachter te verschuilen om iets niet te moeten doen.
Wat nogmaals aantoont dat waar advocaten en rechters bij te pas komen ook in de 21ste eeuw nooit eenvoudig zal zijn.
Louis Tobback
Burgemeester Leuven



